Pupil van de week

“Ik heb lang getwijfeld. Doe ik de schaar of doe ik het niet. Uiteindelijk heb ik het maar niet gedaan. Ik wilde die jongens van de tegenpartij niet onnodig bang maken. Had ik het maar wel gedaan….”

Op 4 maart was het eindelijk mijn beurt om met de grote mannen mee te doen. Vooraf had ik wel wat buikpijn, maar ik hoorde van mijn papa dat de grote meneer van Voetbalvereniging Vogelwaarde ook altijd eerst een toertje naar de wc maakt, voordat hij op het veld verschijnt. Dat stelde me wel wat gerust. Natuurlijk moest er eerst een groepsfoto worden gemaakt. Die moest een paar keer over omdat er iemand een banaan in zijn mond had. De grote meneer staat er trouwens niet op. Drie keer raden waar hij was.

De warming-up was vrij heftig. Die mannen hun benen zijn langer dan die van mij en op een of andere manier moest ik 4 stappen zetten, als zij er 1 deden. Maar ik heb het volgehouden. Daarna heb ik lekker wat balletjes mogen trappen met mijn nieuwe beste vriend nummer 99. Wat een man! Ik heb zijn voetbalplaatje laten uitvergroten en in posterformaat boven mijn bed gehangen. Weg met Robben en Klose.

Ik weet niet of de scheids het misschien te zwaar vond, maar ik mocht de bal naar de middenstip brengen voor de aftrap. Daarna moest ik twee euro op het veld gooien, die ik daarna in mijn broekzak mocht stoppen. Heb het daarna nog eens met geld uit mama haar portemonnee geprobeerd, maar dat werkt blijkbaar alleen bij scheidsrechters.

En toen kwam mijn moment. Ik ben 3 man van de tegenpartij gepasseerd. Ze kwamen nog niet eens in de buurt, zo snel was ik. Daarom heb ik de schaar maar achterwege gelaten. Het was al pijnlijk genoeg voor die mannen. De keeper stond ook nog eens op het verkeerde been en toen heb ik gescoord. Na een ererondje te hebben gemaakt, kreeg ik van de scheids een mooi vaantje en mocht ik plaats nemen in de dug-out. De grote meneer was blijkbaar te laat van de wc gekomen, want die zat ook in de dug-out in plaats van dat hij op het veld stond.

Daarna is het even zwart geworden voor mijn ogen. Alsof het een slechte droom was. Mijn grote voorbeelden verloren de wedstrijd. Ik hoopte dat ze me nog een kwartiertje in zouden laten vallen, zodat ik kon laten zien hoe het wel moest, maar helaas. Ik was ‘not amused’. En dat hebben ze geweten ook. Ik heb een klein beetje overdreven in de kleedkamer. Kwaad kijken, beetje huilen en dreigen dat ik naar huis zou gaan. Maar ik moest ze natuurlijk wel even duidelijk maken dat dat dus echt niet kan. Je vraagt niet iemand pupil van de week te zijn om vervolgens zijn dag te verpesten. Dat weten ze nu dus en ik denk niet dat het nog eens zal gebeuren.

Later zat ik te denken dat we eigenlijk helemaal niet verloren hebben. Volgens het scorebord was het 2-3, maar ze zijn even vergeten dat ik ook nog had gescoord. 3-3 dus. Dat wetende, en met nummer 99 boven mijn bed slaap ik nu een stuk lekkerder.

Een 6-jarige voetbalfan

13 March 2012
By on 21:47
Slechte verliezer

Het is 10 voor half 8 en ik ben al zenuwachtig. Over een kwartiertje komt hij thuis. Hoe zal zijn pet staan deze keer? Moet ik de deuren open zetten om er gaten in te voorkomen? Moet ik het servies achter slot en grendel zetten? Alvast bukken voor vliegende voetbalschoenen? Of hebben we geluk vanavond? Dit alles hangt af van winst of verlies.

 Voetballen is en blijft een spelletje. Een spelletje waarbij er winnaars en verliezers zijn. Maar wat als winnen de enige optie is? Wat als je absoluut niet tegen je verlies kunt? Ik hoor regelmatig dat het niet erg is. Dat je alleen goed kunt worden, als het spelletje je ook daadwerkelijk raakt. Dat je er ziek van mag zijn als je verliest. Maar ik weet niet of ik het daar mee eens kan zijn.

De gevolgen van een verloren match zijn hier namelijk vrij heftig. Waar zijn vriendjes al vergeten zijn dat er überhaupt door iemand is gescoord, loopt meneer mokkend van het veld. Zonder een woord te zeggen, loopt hij iedereen voorbij. Hij houdt zich nog even in, totdat er niemand meer in de buurt is. Zijn hoofd gaat verder naar beneden hangen en hij schopt tegen alles wat hij tegen komt. De aders in zijn hals zwellen op, zijn ogen schieten vuur en dan begint het huilen. Hij is ontroostbaar. Een poging tot, maakt het drama alleen maar erger. Deuren knallen dicht en woorden van ergernis en verdriet vullen de ruimte.

 De training is het ergste. Dan wordt er namelijk maar één partijtje gespeeld. Winst of verlies. Wit of zwart. Vrolijk of boos. De schuld van verliezen, ligt overigens nooit bij hem. Niet als hij met een flinke tackel een paar minibeentjes blauwe plekken bezorgt. Ook niet wanneer hij niet vooruit te branden is, omdat hij eigenlijk al te moe is van een drukke schoolweek. En zelfs niet wanneer hij een opgelegde kans mist. Het ligt altijd aan het feit, dat hij weer niet met ‘ de goeien’ mocht spelen en dat hij het ‘niet allemaal alleen kan’. Na een half uur zakt de bui en belooft hij, dat hij bij de volgende verloren wedstrijd niet meer zal huilen.

Oh…ssst…ik hoor de garagedeur open gaan. De portier van de auto slaat dicht. Te hard? Of toch niet? Hoor ik stemmen? Als hij praat, is dat een goed teken. De keukendeur gaat open. Ik kan zijn gezicht niet peilen. Hij kijkt niet blij, maar ook zeker niet verdrietig. “Mama”, zegt hij vervolgens, “ik heb verloren, maar ik huil niet vandaag. Goed hè?” Ik ben als een kind zo blij met deze woorden. En net als ik hem er een flinke pluim voor wil geven, roept hij: “GRAPJUHHH! Ik heb gewonnen met 3-0. Ik heb één keer gescoord en twee assists gegeven en ik zat niet eens bij de goeien.”
Ik zucht…. Is het al ver winterstop?

16 December 2011
By on 13:47
Slecht excuus, ik weet het………

Het voetbalseizoen zit er weer op. Volgens sommigen was het een lang seizoen. Ik heb er eerlijk gezegd zelf erg weinig van meegekregen deze keer. Ik heb het een beetje af laten weten. Er kwam van alles tussen. Slecht excuus, ik weet het, maar ik ga het toch proberen uit te leggen.

Het seizoen begon natuurlijk al koud en nat en zoals ik al eerder aangaf, is dat niet aan mij besteed. Zo heb ik dus de helft van het voetbalseizoen van zoonlief gemist. Slecht excuus, ik weet het, maar ik durf oprecht te zeggen, dat ik een betere moeder ben als ik warmpjes voor de kachel kan zitten in plaats van klappertandend langs de lijn.

Voor de heer des huizes moest ik ook niet gaan kijken, want hij was gestopt met voetballen.  Slecht excuus, ik weet het. Vooral toen bleek dat hij stiekem toch heel wat wedstrijdjes met het 4e heeft meegedaan en zijn pasfoto voor volgend jaar toch weer gewoon heeft ingeleverd.

Natuurlijk zou ik dan, zoals het een goed supporter betaamt, op zondag het eerste aan moeten moedigen. Helaas lukte ook dat niet altijd, omdat ik een dochter heb die voetbal verafschuwt en dus geen zin heeft om op zondag naar de velden te trekken. Geen excuus, ik weet het, maar heel gek is het niet, als je een moeder hebt die te pas en te onpas laat weten voetbal niks voor vrouwen te vinden. Eigen schuld, dikke bult.

Ook bij de feestavond heb ik een groot deel gemist, omdat ik een ander feest had waar ik niet onderuit kon. Slecht excuus ik weet het, maar aangezien het voor sommigen toch moeilijk is om naar het officiële gedeelte te luisteren, heb ik ook geen plaatsvervangende schaamte moeten hebben deze keer.

Zelfs mijn grote liefde, het clubblad, heb ik in de steek gelaten dit seizoen. Voor het eerst in de geschiedenis heb ik mijn kopij te laat aangeleverd, omdat ik het druk had met mijn opbloeiende tv-carrière. Slecht excuus, ik weet het, maar ik bleek uiteindelijk alsnog de eerste te zijn en nog anderhalve maand vóór de uiteindelijke uitgave van het clubblad.

Ik ben trouwens niet helemaal de enige die het af heeft laten weten dit seizoen. De vereniging zelf heeft ook een paar kleine steekjes laten vallen, want heb ik niet een vrijwilligersavond gemist…zonder excuses? En is het niet heel jammer dat na de feestavond, de afterparty met DJ Sander bij Warme Wim stukken gezelliger was dan de feestavond zelf?

Ik weet het goed gemaakt. Ik  beloof beterschap voor komend seizoen. Ik zal braaf komen kijken op zondag en het clubblad niet meer teleurstellen als de vereniging volgend jaar DJ Sander vraagt om de feestavond te verzorgen. En, aangezien 2011 het jaar is van de vrijwilliger, weer gewoon één avond  in het jaar, de vrijwilligers in het zonnetje zet.

Nee, geen excuses komend seizoen…en zeker geen slechte!

30 May 2011
By on 20:05
Voetbal obsessie

Het voetbal is me met de paplepel  ingegeven. Als klein kind werd ik al meegenomen naar het voetbalveld. Achter iedere boom heb ik daar verstoppertje gespeeld, elk bloemetje is  door mij van het dijkje geplukt en jaren later werd iedere voetballer vakkundig door mij geobserveerd. En als we dan thuis kwamen, was het met het bord op schoot Studio Sport kijken. Ik weet niet beter. Maar heel af en toe begin ik me toch af te vragen of ik het nog wel zo leuk vind, al dat voetbal.

Omdat ik geen andere mannen zag dan voetballers, kon het niet anders of mijn man zou een man van het veld zijn. Ik wist waar ik aan begon. Een keer per week langs het lijntje staan om hem aan te moedigen, drie keer per week stinkende voetbaltassen en vier keer per week voetbal op tv.  Allemaal prima, het hoorde erbij. Toen wist ik echter nog niet, dat ik een zoon zou krijgen die nog een graadje erger is dan zijn papa.

Het begon onschuldig, balletje trappen in de tuin en meetrainen met de mini’s, maar het is op een jaar tijd behoorlijk uit de hand gelopen. Hij ademt voetbal, hij droomt voetbal, hij leeft voetbal. Zeg maar gerust obsessief en dan druk ik me nog zachtjes uit.

Het begint al zodra hij uit bed komt. Tijdens het ontbijt wordt mij vriendelijk verzocht de pindakaas even door te ‘passen’ en vervolgens is het 10 minuten ruzie maken over waarom hij zijn voetbalschoenen niet naar school aan mag. Terwijl ik hem tussen de middag maar weer een broek aandoe zónder groene knieën, vraagt hij me met stille dwang even naar de Albert Heijn te gaan om voetbalplaatjes. Na school wordt er afgesproken met een van zijn voetbalmaatjes om de partij van die ochtend nog eens dunnetjes over te doen en mocht papa ’s avonds per ongeluk vergeten dat het voetbal is op tv, dan helpt hij hem er wel aan herinneren.
 Wanneer hij op school moet vertellen wat er in het weekend allemaal is gebeurd, vertelt hij tot in detail hoe Stekelenburg zijn duim heeft gebroken en als hij bij oma en opa geen voetbal op tv kan vinden, stuurt hij zijn vader naar huis om het pasje van de digitale tv. Digitaal is er immers altijd wel ergens een wedstrijdje te vinden. Voor zijn verjaardag wil hij dan ook graag een shirt van ‘Bara Muusen’. Liefst nummer 10, van die man met zijn poppenbenen.

 En dan mag ik de zaterdag natuurlijk niet vergeten. De wedstrijddag van de mini’s. Zijn scheenbeschermers moeten precies goed zitten, hij mag absoluut niet te laat zijn en hij weet graag van tevoren wie hij ‘in gaat maken’. Hij vindt zichzelf de beste en zijn vader helpt hem maar wat graag die gedachte in stand te houden. Verliezen is geen optie, scoren een must.

En ach, ook al is het allemaal wat veel van het goede, als hij dan scoort, komt er toch ook bij mij weer een glimlach op mijn gezicht. Je bent een voetbalmoeder of je bent het niet. Het is blijkbaar gewoon mijn roeping…….

27 March 2011
By on 20:17
Voetbal obsessie

Het voetbal is me met de paplepel  ingegeven. Als klein kind werd ik al meegenomen naar het voetbalveld. Achter iedere boom heb ik daar verstoppertje gespeeld, elk bloemetje is  door mij van het dijkje geplukt en jaren later werd iedere voetballer vakkundig door mij geobserveerd. En als we dan thuis kwamen, was het met het bord op schoot Studio Sport kijken. Ik weet niet beter. Maar heel af en toe begin ik me toch af te vragen of ik het nog wel zo leuk vind, al dat voetbal.

Omdat ik geen andere mannen zag dan voetballers, kon het niet anders of mijn man zou een man van het veld zijn. Ik wist waar ik aan begon. Een keer per week langs het lijntje staan om hem aan te moedigen, drie keer per week stinkende voetbaltassen en vier keer per week voetbal op tv.  Allemaal prima, het hoorde erbij. Toen wist ik echter nog niet, dat ik een zoon zou krijgen die nog een graadje erger is dan zijn papa.

Het begon onschuldig, balletje trappen in de tuin en meetrainen met de mini’s, maar het is op een jaar tijd behoorlijk uit de hand gelopen. Hij ademt voetbal, hij droomt voetbal, hij leeft voetbal. Zeg maar gerust obsessief en dan druk ik me nog zachtjes uit.

Het begint al zodra hij uit bed komt. Tijdens het ontbijt wordt mij vriendelijk verzocht de pindakaas even door te ‘passen’ en vervolgens is het 10 minuten ruzie maken over waarom hij zijn voetbalschoenen niet naar school aan mag. Terwijl ik hem tussen de middag maar weer een broek aandoe zónder groene knieën, vraagt hij me met stille dwang even naar de Albert Heijn te gaan om voetbalplaatjes. Na school wordt er afgesproken met een van zijn voetbalmaatjes om de partij van die ochtend nog eens dunnetjes over te doen en mocht papa ’s avonds per ongeluk vergeten dat het voetbal is op tv, dan helpt hij hem er wel aan herinneren.
 Wanneer hij op school moet vertellen wat er in het weekend allemaal is gebeurd, vertelt hij tot in detail hoe Stekelenburg zijn duim heeft gebroken en als hij bij oma en opa geen voetbal op tv kan vinden, stuurt hij zijn vader naar huis om het pasje van de digitale tv. Digitaal is er immers altijd wel ergens een wedstrijdje te vinden. Voor zijn verjaardag wil hij dan ook graag een shirt van ‘Bara Muusen’. Liefst nummer 10, van die man met zijn poppenbenen.

 En dan mag ik de zaterdag natuurlijk niet vergeten. De wedstrijddag van de mini’s. Zijn scheenbeschermers moeten precies goed zitten, hij mag absoluut niet te laat zijn en hij weet graag van tevoren wie hij ‘in gaat maken’. Hij vindt zichzelf de beste en zijn vader helpt hem maar wat graag die gedachte in stand te houden. Verliezen is geen optie, scoren een must.

En ach, ook al is het allemaal wat veel van het goede, als hij dan scoort, komt er toch ook bij mij weer een glimlach op mijn gezicht. Je bent een voetbalmoeder of je bent het niet. Het is blijkbaar gewoon mijn roeping…….


By on 20:17
Overwinteren

Sinterklaas heeft het maar goed voor elkaar. Die heeft ons koude kikkerlandje alweer verlaten om in Spanje of Turkije (of waar hij dan ook woont tegenwoordig) weer een beetje warm te worden. Ons achterlatend met een dik pak sneeuw.

En ik hou er niet van. Niet van de kou en zeker niet van sneeuw. Voor mij geen sneeuwballengevecht of een sneeuwpop maken. Voor mij geen wintersport meer en zelfs mijn schaatsen mogen wat mij betreft de rest van mijn leven, ingevet op zolder blijven staan. Ik ben er gewoonweg niet op gebouwd. Alle vezels in mijn lijf sputteren tegen zodra de temperatuur beneden de 10 graden zakt.

Het voetbalmoeder zijn, valt me dan ook zwaar. Ik had het nogal geromantiseerd vorige keer. Ik had een lekkere lentedag in mijn gedachten, in een T-shirtje langs de lijn, met een verliefde blik kijkend hoe mijn zoon achter een balletje aan rent. Lekker kletsend met de andere mama’s en achteraf een wijntje in de kantine. De werkelijkheid valt echter zwaar tegen. Het merendeel van de wedstrijden is gespeeld in de kou, in de regen en in de mist. Daar sta je dan met je Uggs in de modder te stampen, met rode oortjes, ijsklompen van handen en de rillingen over je rug. En daarbij voetballen ze vroeg, veel te vroeg om mijn ochtendhumeur al de baas te zijn en veel te vroeg voor een wijntje in de kantine om aan op te warmen. Het enige wat overblijft, is de verliefde blik en het respect dat mijn kleine man de kou zonder mopperen trotseert. Maar zelfs mijn liefde voor hem overwint de kou niet. En dus besteed ik de wedstrijden vaak uit aan papa, wat mij een waardeloze voetbalmoeder maakt.

Ik hunker dan ook naar de winterstop. Een maand lang hoef ik niet te twijfelen of ik ga kijken ja of nee.  Een maand lang geen schuldgevoel. Een maand lang ben ik geen waardeloze voetbalmoeder. Helaas zal ik deze maand ook moeten gebruiken om mijn leven te beteren. Mijn zoon wordt namelijk geen mietje!  En dus blijft hij niet thuis omdat het te koud zou zijn of een beetje regent. “We zijn niet van suiker”, zeg ik altijd. En dus zal ik zelf mijn eigen goede voorbeeld moeten volgen om ergens half januari gewoon weer langs de lijn te staan.  

Volgend jaar vraag ik aan Sinterklaas of hij ons meeneemt naar Spanje. Daar zijn namelijk ook voetbalvelden weet je. En aangezien toch niemand precies weet waar de Goedheiligman schijnt te wonen, maak ik er Gran Canaria van. Goed voor zo’n 24 graden in december.  Adios Holanda!
Of ben ik nu echt van de kou in een delirium geraakt……

6 December 2010
By on 09:10
Een magistrale redding

Het onvermijdelijke is gebeurd. Een afscheidswedstrijd is gespeeld en de bloemen zijn in ontvangst genomen. Manlief is gestopt met voetbal. En ik ben dus officieel voetbalvrouw-af!

Daar gaat mijn carrière. Bye bye status. Noodgedwongen moet ik stoppen met het uitgeven van duizenden euro’s aan kleding en de kapper. Mijn iets te grote zonnebril moet in de kast, mijn pumps in de verkleedkist van mijn dochter. Ik zal weer opnieuw moeten leren lachen in plaats van een arrogante blik op te zetten. Ik ben terug bij af, terug naar gewoon ‘vrouw’.

En zeg nou eerlijk, wat moet een gewone ‘vrouw’ nou op het voetbalveld doen, als er geen man is om voor te gaan? Om nog maar te zwijgen over mijn carrière bij het clubblad. Een voetbalvrouw is niet meer. Bladzijde blanco.

De enige optie is supporter worden. Dan heb ik een reden om te gaan en zou ik over de wedstrijd kunnen schrijven.  Maar dat is nog niet zo simpel voor mij.  Als voetbalvrouw behoorde ik namelijk absoluut geen verstand te hebben van voetbal. Het werd me niet kwalijk genomen dat ik niet weet wat buitenspel is, ik werd er voor betaald domme opmerkingen te maken en ik mocht in de kantine gaan zitten, zodra mijn pumps begonnen te knellen. Zoals mijn mannetje altijd liefkozend zei: ‘Je moet alleen maar een beetje mooi  zitten zijn’. En ach, met de hulp van een styliste en een kapper, ging me dat best aardig af. Als supporter zal er minstens van me verwacht worden, dat ik verstand van voetbal heb. Dat ik niet sta te geiten met andere vrouwen langs de lijn, maar door wind en regen in rubberen laarzen en weinig flatteus regenjack, het spelletje blijf volgen.

Dat wordt dus omscholen.

En zo zat ik dan vorige week achter mijn computer. Ik had net  het boekje ‘eeuwig buitenspel’ besteld en wilde me nog op gaan geven voor de cursus ‘zelfstandig supporter’, toen ik achter mij het mooiste stemmetje van de wereld hoorde: ‘Mama, mag ik op voetbal?’ Na nog even aarzelend achterom te hebben gekeken of het toch niet mijn dochter was die het vroeg, maakte ik een sprongetje van geluk. Mama, mag ik op voetbal? In mijn hoofd lichtte een krantenbericht op met de woorden: ‘Zoon redt moeder op magistrale wijze’.

Dankzij hem kan ik gewoon over de randverschijnselen van voetbal blijven schrijven. Dankzij hem mag ik weer heerlijk  zonder kennis van zaken aan de lijn staan keuvelen met de andere vrouwen. Misschien met iets minder kolossale zonnebril en op ballerina’s in plaats van op pumps. En ongetwijfeld met een extra tasje gevuld met pleisters, zakdoekjes en troostsnoepjes, maar we zijn er weer!

Een begin is gemaakt. De eerste wedstrijd is gespeeld. Een voetbalmoeder is geboren.

12 September 2010
By on 20:15
Om te huilen

Thuis kijken ze er allang niet meer van op. Ze hebben er een tijd lang om gelachen, maar na jaren is de lol er wel vanaf. Ze hebben het inmiddels geaccepteerd. Bij iedere film, bij Spoorloos, bij Hart in actie …. Moeders huilt.

   

Emo-bitch pur sang. Altijd al geweest. Ik was een makkelijk doelwit vroeger. “Pak haar bal maar af, dan gaat ze janken.” En bij die tekenfilm van Ollie B Bommel en zijn Zwelgje heb ik het nooit droog kunnen houden. Iedere kerst probeerde ik het weer, maar iedere kerst werd het een natte kerst. Draakjes kun je nu eenmaal niet thuis houden, hoe erg ook….Maar goed, ander onderwerp voordat ik het weer niet trek.

 

Een bal kunnen ze me inmiddels wel afpakken zonder dat ik ga huilen. Al kan ik niet beloven dat ze de bal mogen houden. Ik heb geleerd om voor mezelf op te komen. Ik heb een grote mond en ik sla als het moet. Maar, ik ben net als die Tikkelsnoepjes. “Hard van buiten, zacht van binnen.” En dus zit ik nog regelmatig met de zakdoek op schoot.

Janken in de bioscoop of thuis tijdens een film is eerder regel dan uitzondering. Maar zo slecht als laatst heb ik het in tijden niet gehad. En niet eens bij een film, maar bij sport!

 

Een traantje wegpinken bij winst is mooi. Vooral als het de Olympische Spelen betreft. Sven Kramer, Marc Tuitert en Ireen Wüst hebben ieder een traantje gelaten en een van me gekregen, maar wat Svancouver had moeten worden, werd wel heel Svendroevig. Dé verkeerde wissel. Ongeloof aan mijn kant, snikken, snuffen, tranen met tuitert…eh tuiten tot mijn lijf er van ging schokken. Wat was ik graag in die tv gekropen om mijn armen om hem heen te slaan en hem mij te laten troosten. Ik ben huilend in bed gekropen en toen ik ’s ochtends de berichten en filmpjes op internet terug zag, begon ik opnieuw. Drama.

 

Ik heb dus een nieuwe zwakke plek. Naast films en tranentrekkende programma’s, kan ik ook geen sport meer kijken. Ik ben al in geen weken naar het voetbalveld geweest. Ik durf niet. Ik ben bang dat ik het niet aankan. De wedstrijden van ons eerste elftal zijn sowieso al om te huilen, dit geldt ook voor vrouwenvoetbal in het algemeen en voor het weer van de afgelopen maanden. Dat is dus de kat op het spek binden. Dat ga ik nooit droog houden.

 

Eens zal ik weer moeten. Een goede supporter staat er ook in barre tijden. Maar ik wacht nog even tot de zon gaat schijnen. Dan kan ik mijn tranen tenminste verstoppen….. achter een hele grote zonnebril wel te verstaan.

24 February 2010
By on 18:30
He knows what women want!

Het is bij ons nog van de ouderwetse stempel. De man bedient de afstandsbediening, de vrouw bedient de man. En dus wordt er vijf avonden per week naar alles gekeken wat met voetbal te maken heeft.

 

Kijken als je favoriete club speelt, dat begrijp ik nog. Maar neutraal voetbal kijken naar allerlei onbelangrijke wedstrijden…. dat gaat er bij mij niet in. Dat is hetzelfde als dag in, dag uit naar dezelfde film kijken, maar dan met andere acteurs. Het blijft hetzelfde verhaal. Waarom de man (ja, ik generaliseer graag) er dan zo graag naar kijkt, is mij een raadsel. Alle hoogte- en dieptepunten worden namelijk tot in den treure herhaald in allerlei sport slash praatprogramma’s. Dus waarom überhaupt nog een hele wedstrijd kijken als je er toch geen spanning aan beleeft? Maar hé, ik ben een vrouw en de vrouw (ja, daar zijn we weer) heeft geen verstand van voetbal.

 

Dat heeft de man overigens ook liever hoor, dat de vrouw geen verstand heeft van voetbal. Omdat de afstandsbediening dus aan mijn wederhelft zit vastgelijmd, ben ik regelmatig verplicht om een voetbalwedstrijd mee te kijken. En dan probeer ik er ook het beste van te maken. Ik doe net alsof ik naar een goede film kijk en leef me helemaal in. En als er dan een kutbal wordt gegeven, dan laat ik dat ook luidkeels horen. Maar dat schijnt niet de bedoeling te zijn van meekijken. Ik krijg dan namelijk altijd een blik vol afschuw en een “wat weet jij daar nou van” knikje. Vooral als het een speler van Ajax betreft die de kutbal gaf. Vrouwen behoren te zwijgen tijdens een wedstrijd en als ze wat willen zeggen, dan toch zeker geen mening geven over het vertoonde spel. De man voelt zich bedreigd als de vrouw net zo veel denkt te weten van voetbal. Nee, hoe dommer, hoe beter. “Wat is buitenspel ook weer liefje?” Of “bij welke club hoort die ene speler met die fluit in zijn mond?” Jaaaaaa, dat horen ze graag, dat streelt hun ego, dan voelen ze zich het mannetje.

 

Maar, ik moet toegeven, een keer per week mag ik graag naar Voetbal International kijken. Verstand van voetbal hebben is hier geen vereiste. Johan Derksen neemt de mannen voor zijn rekening, Rene van der Gijp de vrouwen en Hans Kraaij jr de kinderen. Of hij is het kind, dat kan ook. In ieder geval, Rene die begrijpt wat vrouwen willen horen als het om voetbal gaat. De anekdote over zijn sauna avontuur met Roger Moore, zijn visie over hoe Robben een ‘schijtgezicht’ kan trekken, zijn beeldvorming van een masturberende Johan Derksen en zijn schaamteloos lachen om de drie scharen van een Heracles-speler zijn een lust voor onze vrouwenoortjes.

 

Ja, het voetbalavondje op de maandag trek ik dus nog wel. Maar aangezien de emancipatie bij ons thuis nog ver te zoeken is, moet ik voor de rest van de week toch echt een andere bezigheid gaan zoeken.

 

Misschien zoeken ze nog wel iemand die af en toe de luier van Hans Kraaij Jr kan verschonen!

4 December 2009
By on 18:57
Talent in wording…

Onze zoon zou wielrenner worden. Ik wist het zeker. Natuurlijk was papa altijd al van mening dat hij voetballer ging worden. Zijn ventje zou het gaan maken. Hij zou papa’s droom waar gaan maken, verder gaan waar het hem niet gelukt is. Wat nooit gelegen heeft aan gebrek aan talent natuurlijk, maar aan zijn eeuwige spierscheuringen. Vanzelfsprekend….

 

Maar ik zag toch echt andere dingen gebeuren. Vanaf het moment dat zoonlief kon zitten, zocht hij een zadel op. En vanaf het moment dat hij kon lopen, trapte hij. Niet onder een bal dus, maar de trappers van zijn fietsje rond. Verwoede pogingen van paps om hem mee naar het voetbalveld te nemen, werkten averechts. Hij wilde namelijk geen bal meenemen, maar zijn fiets, om vervolgens zijn eigen ‘Tour de kantine’ te rijden. Week in, week uit. Duidelijke zaak, zo leek het. Of toch niet…

 

Het probleem zit hem in de zijwieltjes. Hij heeft zijn fiets zo versleten, dat zijn wieltjes het zijn gaan begeven. Nu moet het dus zonder. En na een flinke schuiver op de weg, weigert meneer ieder contact met zijn fiets. Als alternatief heeft hij zich nu volledig gestort op…jawel….voetbal! En je moet het hem nageven, als hij ergens voor gaat, gaat hij er ook helemaal voor. Ieder moment van de dag moet er gevoetbald worden, compleet in voetbaltenue en met voetbalschoenen. Er moeten minstens vijf verschillende ballen in de buurt zijn en dat ene doel wat inmiddels in de tuin staat, is er minstens één te weinig.

 

Papa glundert vol trots. Hij leert hem de hakjes, de balletjes achter het standbeen, de schijnbewegingen en vooral het begrip ‘Oog en Waid’. Hij weet zeker dat zijn zoon een groot talent gaat worden. Dat hij later bij Ajax zal voetballen, of nee, beter nog, bij Twente. Zodra zoonlief oud genoeg is om wedstrijden te mogen spelen, zal vaders zelf het trainerschap op zich gaan nemen. Niemand anders is goed genoeg voor zijn welp. Hij brengt hem zelf wel naar de top.

 

Ja, ik zie het al helemaal voor me. 14 mannetjes op een half voetbalveld. Op een kluitje achter de bal en elkaar aan rennend. Een dozijn vaders en moeders die belachelijk fanatiek aan de zijlijn naar die kereltjes staan te schreeuwen of het beesten zijn. Ik, die daar absoluut niet tegen kan en als een uitgerangeerde rondemiss een bord van SIRE hoog hou en roep: Geef kinderen hun spel terug! En natuurlijk mijn man in de dug-out die 7 mannetjes zou moeten coachen, maar alleen oog heeft voor zijn eigen zoon en dat ook luidkeels laat horen.

Hmm…ik vraag me af hoe lang het zou duren voordat zoonlief van schaamte voor zijn ouders alsnog op zijn fiets springt en er als een gek vandoor gaat. Dat wordt waarschijnlijk het snelste ‘rondje Valeinen’ ooit gereden.

 

Ja, ik blijf erbij….mijn zoon wordt wielrenner.

27 August 2009
By on 13:52